Projecten

 

Opzet projecten Archeologie

 

De kerntaak van de afdeling Archeologie ligt bij het inventariserend veldonderzoek (IVO). Aan een veldonderzoek gaat een bureauonderzoek vooraf. In veel gevallen worden deze twee onderzoeken tegelijk uitgevoerd. Daarnaast verzorgt de afdeling proefopgravingen en archeologisch bouwbegeleidingen.

 

I  Bureauonderzoek
Bij een bureauonderzoek wordt verschillend kaartmateriaal geraadpleegd om tot een specifieke archeologische verwachting te komen. Daarbij moet men onder andere denken aan:

  • Bodemkaarten en geomorfologische kaarten (afbeelding 1 en 2).
  • Het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) (afbeelding 3). Aan de hand hiervan kan het reliëf verduidelijkt worden (afbeelding 4).
  • De combinatie van historisch kaartmateriaal met luchtfoto’s (afbeelding 5) of topografische kaarten.
  • Het bewerken van luchtfoto’s (afbeelding 6).

 

Een bureauonderzoek is ook zeer geschikt om als basis te dienen voor beleidsadvieskaarten.

 

Afbeelding 1. Bodemkaart

 

 

a
Afbeelding 2. Geomorfologische kaart

 

 

a
Afbeelding 3. AHN

 

 

a
Afbeelding 4. Doorsnede door het onderzoeksgebied van afbeelding 3

 

a
Afbeelding 5. Oude perceellering en meandering waarbij ook een oude kanalisatie zichtbaar is

 

 

a
Afbeelding 6. Bewerkte luchtfoto waarbij een laagte gevuld met water is weergegeven waardoor het reliëf duidelijker wordt

 

 

II  Inventariserend veldonderzoek
Naar aanleiding van een bureauonderzoek wordt in het veld de specifieke verwachting gecontroleerd. Hierbij wordt de bodemopbouw beschreven (afbeeldingen 7 - 9). Met de uitkomsten van het booronderzoek kan nagegaan worden of er locaties zijn waar archeologische resten te verwachten zijn. Ook kunnen er thematische kaarten gemaakt worden zoals zanddieptekaarten of kaarten van specifieke bodemlagen (bijvoorbeeld veendiktekaarten) (afbeelding 10). Door de samenwerking tussen verschillende disciplines binnen MUG bestaat er de mogelijkheid archeologisch vooronderzoek te combineren met bijvoorbeeld milieukundig onderzoek (afbeelding 11). Dit heeft een gunstige invloed op de prijs.

a
Afbeelding 7. Van links naar rechts klei op veen op zand

 

 

a
Afbeelding 8. Dunne eerdgrond (rechts) in dekzand waarbij nog een restant van een zogenaamde oerbank (bruine grond) zichtbaar is

 

 

a
Afbeelding 9. Rechts de bouwvoor met daaronder de vergraven resten van de oorspronkelijke bodem

 

 

a
Afbeelding 10. Zanddieptekaart waarbij de mate van intactheid van de zandbodem met een arcering is weergegeven.

 

 

a
Afbeelding 11. Gecombineerd grootschalig archeologisch/milieukundig onderzoek

 

III  Proefopgraving/sleuven
Worden er naar aanleiding van het booronderzoek archeologische vindplaatsen aangewezen dan volgt, indien planinpassing niet mogelijk is, een proefopgraving om de uitkomsten te toetsen en op waarde te schatten, waarna eventueel besloten kan worden een definitieve opgraving uit te voeren.

 

IV  Archeologische begeleiding
Op locaties waar dit vooronderzoek niet mogelijk is of slechts een kleine bodemingreep zal plaatsvinden, kan gekozen worden voor een archeologische begeleiding van het grondwerk.